`Het is niet eerlijk want zij zijn groot en ik is klein’, sprak kuikentje Calimero verontwaardigd. De schakers van het vierde van Sneek moeten zich als kaalgeplukte kippen hebben gevoeld na de verpletterende nederlaag met 6½ tegen anderhalf. ‘Jurjen Tolsma’ uit Stiens wordt afgetekend kampioen en gaven gisteravond schaakles.

 

Cambuur – Inter Milaan, dat werk. Een soort clinic pro forma.

 

Wat ze daar in Stiens bij de drogist verkopen, ik weet het niet. Zal vast geen Epo zijn want daar ga je niet beter van schaken. Leuke naam overigens voor een schaakclub. Weer eens wat anders dan ‘sc zus of zo’. Wie is trouwens Jurjen Tolsma? De ontdekker van het schaakgen, de plaatselijke meubelboer met ambities die jaarlijks de clubkas spekt of gewoon de oprichter van de club.

 

Hoe dan ook, op het eerste bord liet Dirk Meier zich pardoes mat zetten. Zijn tegenstander vond het blijkbaar wel komisch want hij had het over:’ja dat is de gein er achter’. Waar achter weet ik niet want ik heb de finesse gemist maar er zat blijkbaar een verborgen combinatie in de stelling. Kan gebeuren, nog geen man overboord. Jan Hans en Albert (duo O.N.S. kent O.N.S.) gebroederlijk op 3 en 4 maakten met 2 keurige remises de stand gelijk.

 

Ondergetekende (2) had met Jan Hans van plaats gewisseld om weer eens met de witte stukken ten strijde te trekken. In een alles of niets poging met een ongefundeerd stukoffer (ik kan het niet laten) liep de zaak vast, zeker nadat ik zomaar een toren in de aanbieding deed.

 

Dat wordt lopen naar Schaakwoude.

 

Ondertussen zag het er bij de andere borden ook niet al te florissant uit. Erwin Dijk (6) stond al vroeg met zijn koning op de tocht en moest naar eigen zeggen het halve bord met het staatshoofd rond wandelen. Het eindspel van dame tegen 2 torens en 2 pionnen minder wist hij toch nog op remise te houden. Hiermee het laatste halfje toevoegend tot het schamele totaal van anderhalf.

 

Siebe op 7 had al vroeg een stuk geofferd om nog enigszins spel te krijgen. Het stuk had hij teruggewonnen ten koste van een pion minder. De lopers van gelijke kleur werden geruild waarna de pluspion de partij besliste. Op stopperspil had Bert, met wederzijds een loper, toren en dame, een lastige stelling te verdedigen. Een remise aanbod van zijn kant mocht helaas niet meer baten. Ook deze partij ging verloren.

 

Traditiegetrouw was Maarten hekkensluiter en gaf in iets mindere stelling een stuk kado. Dit alles in de veronderstelling dat zijn tegenstander door de vlag was gegaan. Jammer maar ook Maarten moest ’belies jaan’.

 

Bij de laatste uitwedstrijd tegen Schaakwoude zullen we nog even flink aan de bak moeten om ons te handhaven in deze klasse.

 

Op naar Stiens voor bijscholing.
 

0
0
0
s2sdefault
powered by social2s